Moet je volgens de AI Act vermelden dat content met AI is gemaakt?
Moet je AI-gebruik vermelden bij een blog, afbeelding of chatbot? Bekijk de verschillen in artikel 50 van de AI Act en gebruik het inventarisatieblad.
Niet iedere AI-ondersteunde tekst kent automatisch dezelfde labelplicht: de AI Act onderscheidt verschillende transparantieverplichtingen. Of je AI-gebruik moet vermelden, hangt af van het systeem, het type inhoud, je rol als organisatie en toepasselijke uitzonderingen. Beoordeel tekst, synthetisch beeld, audio en directe AI-interactie daarom afzonderlijk en laat twijfelgevallen juridisch beoordelen.
Een blog laten herschrijven is iets anders dan een realistische stem nabootsen of bezoekers laten chatten met een digitale collega. Hieronder lees je hoe je die verschillen praktisch inventariseert, zonder van iedere publicatie een juridisch project te maken.
Stand van zaken: 29 oktober 2026. Dit artikel behandelt transparantie bij communicatie, niet alle verplichtingen uit de AI Act. Het is algemene informatie, geen juridisch advies.
Waarom is er geen universele AI-labelregel?
Artikel 50 van de AI Act bevat verschillende verplichtingen voor aanbieders en gebruiksverantwoordelijken. Sommige gaan over een mededeling aan mensen, andere over technische markeringen die machines kunnen uitlezen. Die twee zijn niet onderling uitwisselbaar.
De transparantieregels van artikel 50 gelden sinds 2 augustus 2026, zoals de Europese Commissie toelicht bij haar transparantierichtsnoeren.
Wat is het verschil tussen markeren en vermelden?
Een machineleesbare markering maakt AI-output technisch herkenbaar als kunstmatig gegenereerd of gemanipuleerd. Een vermelding vertelt een bezoeker, lezer of luisteraar wat die moet weten over AI-gebruik.
De belangrijkste verschillen uit artikel 50 zijn:
| Situatie | Voor wie geldt de verplichting? | Wat staat centraal? |
|---|---|---|
| Een AI-systeem communiceert rechtstreeks met mensen | Aanbieder, lid 1 | Het systeem zo ontwerpen dat mensen over de AI-interactie worden geïnformeerd, tenzij dit in de context al duidelijk is |
| Een systeem genereert synthetische tekst, beeld, audio of video | Aanbieder, lid 2 | Machineleesbare markering en detecteerbaarheid, met specifieke uitzonderingen |
| Een organisatie gebruikt AI voor beeld, audio of video die een deepfake vormt | Gebruiksverantwoordelijke, lid 4 | Bekendmaken dat de inhoud kunstmatig is gegenereerd of gemanipuleerd |
| Een organisatie publiceert AI-tekst om het publiek over zaken van algemeen belang te informeren | Gebruiksverantwoordelijke, lid 4 | AI-gebruik bekendmaken, tenzij een toepasselijke uitzondering geldt |
Artikel 50 bevat daarnaast regels voor emotieherkenning en biometrische categorisering. Die vallen buiten deze communicatiecheck.
Ben je aanbieder of gebruiksverantwoordelijke?
Een organisatie die een bestaand AI-systeem onder haar gezag professioneel gebruikt, is doorgaans gebruiksverantwoordelijke. Een aanbieder ontwikkelt een systeem of laat het ontwikkelen en brengt het onder eigen naam of merk op de markt of in gebruik. Deze rollen volgen uit artikel 3 van de AI Act.
Bij eigen ontwikkeling of het onder eigen naam aanbieden van een oplossing kan je positie anders zijn dan bij het gebruiken van een standaardtool. Leg daarom niet alleen vast welke leverancier je hebt, maar ook wie welke rol vervult. Een leveranciersafspraak vervangt die beoordeling niet.
Wanneer moet je AI-gebruik vermelden bij een blog, afbeelding of chatbot?
Beoordeel per publicatie wat AI daadwerkelijk heeft gedaan en wat het publiek te zien of te horen krijgt. De volgende situaties zijn fictief en laten zien welke vragen je moet stellen.
Situatie 1: AI helpt een bedrijfsblog schrijven
Een installatiebedrijf laat AI een conceptblog over warmtepompen schrijven. Een medewerker controleert bronnen, corrigeert technische uitspraken en keurt de eindtekst goed.
Dat AI heeft meegeschreven, betekent niet automatisch dat artikel 50 een zichtbaar label op iedere blog verlangt. Voor de specifieke tekstverplichting uit lid 4 is onder meer relevant of de tekst wordt gepubliceerd om het publiek te informeren over zaken van algemeen belang. Een openbare webpagina is niet alleen door haar openbaarheid automatisch zo’n publicatie.
Voor die tekstverplichting bestaat bovendien een uitzondering wanneer:
- de AI-inhoud menselijke beoordeling of redactionele controle heeft ondergaan; én
- een natuurlijke persoon of rechtspersoon redactionele verantwoordelijkheid draagt voor de publicatie.
Die voorwaarden staan in artikel 50, lid 4. Alleen een naam onder een artikel zetten toont nog niet aan dat de inhoud werkelijk is gecontroleerd. Leg praktisch vast wie de eindversie heeft beoordeeld en wie de redactionele verantwoordelijkheid draagt.
Te beoordelen vraag: gaat het om informatie van algemeen belang, en zo ja, zijn de voorwaarden voor de uitzondering vervuld? Leid het antwoord niet uitsluitend af uit het feit dat de afzender een commercieel bedrijf is.
Situatie 2: AI maakt een campagnebeeld of stemopname
Een organisatie maakt met AI een realistische afbeelding van een bestaande locatie, met een gebeurtenis die daar nooit heeft plaatsgevonden. Of zij laat een bestaande bestuurder met een nagebootste stem een boodschap uitspreken.
Dan moet je onderzoeken of de inhoud een deepfake vormt. Artikel 3, punt 60, omschrijft dit als AI-gegenereerd of gemanipuleerd beeld, audio of video dat lijkt op bestaande personen, objecten, plaatsen, entiteiten of gebeurtenissen en ten onrechte authentiek of waarheidsgetrouw zou overkomen.
Niet iedere AI-afbeelding of synthetische stem is dus automatisch een deepfake. Een duidelijk getekende illustratie vraagt een andere beoordeling dan een geloofwaardige nepregistratie van een echte gebeurtenis.
Voor deepfakes verlangt artikel 50, lid 4, bekendmaking van het kunstmatige karakter. Bij duidelijk artistiek, creatief, satirisch of fictief werk is passende bekendmaking nog steeds relevant, maar mag die de vertoning of beleving niet belemmeren. Dat is geen algemene vrijstelling voor creatieve campagnes.
Te beoordelen vraag: kan het publiek dit aanzien voor een authentieke persoon, opname of gebeurtenis? Menselijke goedkeuring van het beeld heft de deepfakeverplichting niet automatisch op. De hiervoor genoemde redactionele uitzondering geldt voor de specifieke tekstverplichting.
Situatie 3: een bezoeker praat met een AI-chatbot
Een zakelijke dienstverlener plaatst een chatbot op de website, met een voornaam en een menselijk portret. De chatbot beantwoordt bezoekersvragen rechtstreeks.
Artikel 50, lid 1, verplicht de aanbieder het systeem zo te ontwerpen dat mensen weten dat zij met AI communiceren, tenzij dit voor een redelijk geïnformeerde, oplettende en omzichtige persoon al duidelijk is in de gebruikscontext. Vertrouw bij een menselijk ogende presentatie niet zomaar op die uitzondering.
Een praktische openingsmelding kan zijn:
Je praat met onze AI-assistent. Deze helpt je met algemene vragen.
Dit is een voorbeeldtekst, geen juridisch goedgekeurde standaard. Controleer of de melding past bij de werkelijke werking en presentatie van het systeem. Volgens lid 5 moet de vereiste informatie duidelijk, onderscheidbaar en toegankelijk worden gegeven, uiterlijk bij de eerste interactie of blootstelling. Alleen een vermelding diep in algemene voorwaarden is daarvoor geen goede praktische inrichting.
Te beoordelen vraag: is het AI-karakter bij het eerste contact duidelijk, en wie borgt dit in ontwerp, inrichting en beheer?
Hoe leg je vast wie de transparantiekeuze beoordeelt?
Gebruik een transparantie-inventarisatieblad waarin je feiten, twijfelpunten en verantwoordelijkheden afzonderlijk noteert. Dit is een voorgesteld werkblad dat je zelf in een spreadsheet kunt maken, geen automatische juridische beslisser.
Maak voor een blogtekst en de bijbehorende afbeelding aparte regels. Ze kunnen verschillende verplichtingen oproepen.
| Veld | Wat leg je vast? |
|---|---|
| Publicatie en versie | Titel, kanaal, voorgenomen publicatiedatum en beoordeelde versie |
| Contenttype | Tekst, beeld, audio, video of directe AI-interactie |
| AI-bijdrage | Bijvoorbeeld spellingcorrectie, herschrijven, volledig genereren of een stem nabootsen |
| Systeem en rol | Gebruikte oplossing, aanbieder en rol van je eigen organisatie |
| Publicatiedoel | Doelgroep, boodschap en mogelijke informatie over zaken van algemeen belang |
| Authenticiteitsrisico | Welke bestaande persoon, locatie of gebeurtenis lijkt te worden weergegeven? |
| Menselijke controle | Wie controleert bronnen, inhoud en eindversie? Wie draagt redactionele verantwoordelijkheid? |
| Juridische vraag | Welk onderdeel van artikel 50 is mogelijk van toepassing? Welke uitzondering moet worden getoetst? |
| Transparantiemaatregel | Voorgestelde mededeling, plaatsing en relevante technische markering |
| Besluit en eigenaar | Onderbouwing, beslisser, datum en eventueel herbeoordelingsmoment |
Gebruik drie processtatussen: inventarisatie compleet, juridische beoordeling nodig en besluit vastgelegd. Geen daarvan betekent automatisch dat de publicatie aan alle wetgeving voldoet.
Laat communicatie de feiten verzamelen, de systeembeheerder de technische werking controleren en een aangewezen verantwoordelijke het publicatiebesluit vastleggen. Bij juridische twijfel beoordeelt een bevoegde deskundige de toepasselijkheid en uitzonderingen. In een klein bedrijf kunnen mensen meerdere rollen combineren, zolang duidelijk blijft wie waarvoor verantwoordelijk is.
Wanneer is juridisch advies nodig?
Vraag gericht juridisch advies als de toepasselijke categorie, je organisatierol of een uitzondering onduidelijk is. Dat is vooral zinvol bij:
- realistische nabootsing van personen, stemmen, locaties of gebeurtenissen;
- twijfel over informatie van algemeen belang;
- een beroep op de uitzondering voor menselijke beoordeling en redactionele verantwoordelijkheid;
- een eigen of onder eigen merk aangeboden AI-systeem;
- onduidelijkheid over wat een leverancier technisch markeert en wat je zelf moet bekendmaken.
De AI Act staat bovendien niet los van andere regels. Artikel 50, lid 6, laat andere Europese en nationale transparantieverplichtingen onverlet. Een AI-vermelding maakt misleidende reclame, ongeoorloofd gebruik van iemands portret of onrechtmatige gegevensverwerking niet vanzelf toegestaan.
Moet alle AI-content een label krijgen?
Nee, niet op grond van één algemene regel in artikel 50. Dat hangt af van het type content, het gebruik, de rol van de organisatie en toepasselijke uitzonderingen. Beoordeel tekst, synthetisch beeld, audio en directe AI-interactie afzonderlijk.
Een vrijwillige toelichting kan daarnaast nuttig zijn voor vertrouwen, ook als een specifieke wettelijke bekendmakingsplicht niet geldt. Houd zo’n toelichting feitelijk: beschrijf wat AI heeft gedaan en welke menselijke controle werkelijk heeft plaatsgevonden.
Hoe neem je transparantie mee vóór publicatie?
Maak de transparantiecheck onderdeel van je briefing en publicatiecontrole, niet van een discussie nadat de content al online staat. Zo kun je vooraf kiezen voor een passende vermelding, een minder misleidende beeldvorm of aanvullende beoordeling.